Archives for januari2017

Filippijnen

DRUK OP DE PERSVRIJHEID

In de Filippijnen staat de persvrijheid onder grote druk. Rappier (een digitale nieuwskrant) hoorde dat haar NGO registratie ongeldig was omdat de groep in Amerikaanse handen zou zijn. Hun journalisten worden nu geweerd bij persconferenties van de overheid.

Ook de populaire familiezender ABS-CBN zou mogelijk geen

nieuwe zendvergunning in 2020 krijgen wegens ongewenste uitlatingen over de regering. Zoals kritiek op de onrechtmatige moorden, de noodtoestand op Mindanao en de oorlog tegen de moslim onafhankelijkheidsbeweging. Deze veel bekeken zender werd al eerder verboden en uit de lucht gehaald to

en de vorige president de noodtoestand uitriep, men vreest voor een herhaling. Daarnaast wordt de Da/7y Inquierer, een landelijke krant, onder druk gezet indien haar berichtgeving niet wordt gematigd. Sinds 1986 zijn er 177 journalisten vermoord of verdwenen (https://www.hrw.org/world-report/2018/countrv-chapters/philippines)

Lees verder


President Duterte: held of crimineel?

In de westerse pers verschijnen er louter negatieve verhalen over de situatie op de Filippijnen en de vorig jaar gekozen president Duterte. Vooral de “extrajudicial killings” (buitengerechtelijke moorden) doen stof opwaaien. En terecht, maar de zaak ligt niet zo eenvoudig als ze door de westerse pers en de oppositie soms wordt voorgesteld.

In mei 2016 won Duterte (of “DU30”) met grote overmacht de presidentsverkiezingen. Nog steeds staat meer dan 70 % van de bevolking achter zijn beleid (vergelijk dat eens met de terugval in populariteit van de presidenten Trump en Macron enkele maanden na hun verkiezing). Hij is een populist die van buiten het nationale establishment komt. Hij pronkt ook met zijn wat plattelandse manier van doen. Recht voor zijn raap, op slippers, geen dure maatkostuums; vaak met handen in de zakken. Geen upper-class manieren en daardoor niet populair bij het rijkere deel van de bevolking. In de westerse berichtgeving ligt de nadruk op de keiharde aanpak van criminaliteit. Hij won echter de verkiezingen op drie pijlers: Geen Manila politicus; anti criminaliteit, sterk sociaal programma.

De populist Duterte bevindt zich in de linkerkant van het politieke spectrum, hij is misschien nog het best te vergelijken met een sociaaldemocraat. Hij mist echter de intellectuele bagage om werkelijk een verschil te gaan maken voor de bevolking.

De oppositie in het Filippijnse parlement (de Liberale partij van Leni Robredo, die tot vice-president gekozen is) heeft er alle belang bij dat Duterte wordt afgezet of opstapt, want dat maakt de weg vrij om zelf de president te leveren. De aanvallen op Duterte komen voor een groot deel uit deze hoek.

De (legale) linkse oppositie, zoals Bayan Muna, Anakpawis en Gabriela Women’s Party, is terecht zeer verbolgen over de flirt van Duterte met de familie Marcos. De begrafenis van de vroegere dictator Ferdinand Marcos op de nationale begraafplaats, compleet met militaire eer, heeft veel kwaad bloed gezet.

de aan verdovende middelen gerelateerde moorden

De Filippijnen hebben een reputatie door de jaren heen van “extrajudicial killings” (het doodschieten van mensen door de overheid of aan de overheid verwante instellingen zonder proces). Waren het in de periode van dictator Marcos (en zijn opvolgers) vooral politieke moorden, nu onder president Duterte zijn de moorden vooral gerelateerd aan verdovende middelen. De meeste slachtoffers vallen onder de arme bevolking. Wier levensomstandigheden door veel factoren worden bepaald. Zo sleuren verslaafden (verslaafd bij voorbeeld aan shabu, methamfetamine) vaak hun hele familie mee in de armoedeval. Verslaving aan alcohol en verdovende middelen is een enorm probleem in een land met een hoge werkeloosheid. Ook wordt bij veel gezinnen geld voornamelijk verdiend door een enkel familielid dat in het buitenland werkt. Er is wat geld, maar geen werk, geen vertier geen toekomstperspectief.

Er wordt door verschillende mensen om verschillende redenen gemoord. De politie, die tegenstand ondervindt bij arrestatie en de verdachte doodschiet. Maar ook politiemensen die illegaal georganiseerd zijn in kleine lokale groepen, de controle willen hebben over de handel in verdovende middelen en tegenstanders vermoorden. En dan is er ook nog veel onderlinge strijd tussen drugsbendes (al dan niet onder controle van politie, leger of parlementsleden). In de strijd tegen verdovende middelen zijn al veel laboratoria opgerold, waardoor de prijs van de verdovende middelen omhoog is gegaan. Dus de winsten zijn enorm, maar ook het risico stijgt.

 Naast deze drie belangrijkste categorieën zijn er nog de moorden om andere (politieke) redenen waarbij verdovende middelen als dekmantel worden gebruikt (mensen worden dood gevonden met een bordje “drugs pusher” op hun lijf). Onderzoek of het slachtoffer echt een drugs pusher/ gebruiker was wordt niet gedaan.

In hoeverre Duterte zelf actief betrokken is bij dit moorden is niet bekend, wel zijn er de verhalen van zijn betrokkenheid gedurende zijn jaren als burgemeester van Davao (Mindanao). Ook is duidelijk dat hij geen afstand neemt van het vermoorden van gebruikers en handelaren.

wat is dan de andere kant van de medaille; waarom blijft de bevolking achter “hun” president staan?

De problematiek rond verdovende middelen is erg groot en raakt het dagelijkse leven van vele mensen, deze mensen zijn blij dat er nu eindelijk aandacht voor dit probleem is, en de harde hand van Duterte wordt gezien als positief ten opzichte van de politiek van de afgelopen 20 jaar.

De corruptie wordt eindelijk aangepakt. Je kunt nu je rijbewijs binnen drie dagen verlengen, vroeger kostte dat geld of 2 maanden wachttijd. Bij veel overheidsinstanties geldt een anti-corruptiebeleid. Helaas trekt niet iedereen zich hier iets van aan, en de zelfverrijking bij met name burgemeesters, congresleden en de top van overheidsinstanties is nog steeds groot.

De salarissen van leraren en politie/ leger zijn verhoogd. Met een minimaal salaris voor de politieman op straat was corruptie een noodzaak om te overleven.

De president bepleit een meer onafhankelijke positie ten opzichte van Amerika. Iets wat door links en de bevolking van harte wordt toegejuicht (ondertussen vechten Amerikaanse soldaten op Mindanao samen met het Filippijnse leger). Er is toenadering tot China en de overige Aziatische landen. De Filippijnen raken daardoor meer ingebed in hun eigen omgeving.

De pensioenen zijn eindelijk omhooggegaan. Voor veel mensen betekent dit het verschil tussen dood gaan of honger lijden, want het pensioen is nog steeds veel te laag.

De populaire minister van mijnbouw Gina Lopez heeft plaats moeten maken omdat het Congres haar niet accepteerde als minister. Ze trok en trekt sterk van leer tegen de vaak illegale praktijken van de mijnbouwbedrijven, die zeer vervuilend werken en bovendien alle winst naar het buitenland brengen.

Er is een enorme inhaalslag op infrastructureel gebied, wat veel werkgelegenheid biedt.

Duterte gaat ook nietsontziend te werk als hij corruptie constateert (meestal blootgelegd door nieuwszenders) of misdragingen door overheidspersoneel.

strijd voor afscheiding

Naast de doden door de verdovende middelen is de strijd tegen de groep Maute een andere schandvlek op het blazoen van Duterte. Maute is een groep Islamieten (verbonden aan het MILF) die strijden voor afscheiding. De oprichters stonden bekend als kruimeldieven. Voor betrokkenheid van de Islamitische Staat is nauwelijks bewijs te vinden, zeker niet in de begindagen van de feitelijke oorlog (2016). Hoeveel leden deze groepering heeft is niet duidelijk. Volgens de militairen zouden op 15 augustus jl. 560 terroristen zijn uitgeschakeld en zouden er nog 40 (!) terroristen actief zijn in het omsingelde Marawi. Deze laatste groep is nu ook na veel strijd (!) uitgeschakeld.

De uitgeroepen staat van beleg lijkt meer een strategische noodzaak om de aandacht af te leiden van de werkelijke problemen op de Filippijnen, dan dat hij noodzakelijk was om deze groep uit te schakelen. De verwoestende bombardementen hebben het hele stadshart platgelegd. Buitenproportioneel geweld om een kleine groep (tijdelijk?) uit te schakelen, en een voorbeeld te stellen voor andere onafhankelijkheidsstrijders.

De topontmoeting van de Zuidoost-Aziatische organisatie Asean op 13, 14 en 15 november laat het andere gezicht van President Duterte zijn als hij glunderend samen met de Amerikaanse president Trump op de foto gaat. Ditmaal geen ophitsend anti Amerika verhaal, maar eenheid in de strijd tegen het terrorisme is het credo. Op paper is “Du30” vriend van de gewone man, maar in praktijk biedt hij neoliberale politiek met een sociaal sausje. President Duterte praat graag over zijn revolutionaire politiek. Maar er is niets revolutionairs aan het vermoorden (direct of indirect) van grote groepen mensen en het vormt zeker niet de oplossing voor de problemen rond de verdovende middelen.

(Auteur bekend bij de redactie)

Libanon

Net als in 2006 zit niemand op oorlog tussen Hezbollah en Israël te wachten

Door: Arnon Grunberg 13 november 2017, 02:00

De Libanese premier Hariri trad verleden week af en verblijft sindsdien in Saoedi-Arabië, vermoedelijk tegen zijn zin. Officieel trad hij af omdat hij voor zijn leven vreesde. Zijn vader kwam in 2005 bij een bomaanslag om het leven, wat het einde betekende van Syrische troepen in Libanon.

De macht in Libanon is verdeeld tussen sjiieten, soennieten en christenen. De sjiieten zijn sinds de Israëlische invasie van 1982 voornamelijk vertegenwoordigd door Hezbollah, dat gelieerd is aan Iran.

Iran is de vijand van Saoedi-Arabië en de Saoedische kroonprins is momenteel bezig zijn macht te consolideren. Oftewel, binnenlandse Saoedische politiek, maar binnenlandse politiek kan in de praktijk een casus belli zijn. Zeker is dat Iran niet van plan is Libanon of Syrië te verlaten en dat stoort Saoedi-Arabië.

Wie wil een oorlog tussen Hezbollah en Israël, de bondgenoot du jour van Saoedi-Arabië? Niemand. Maar wie zat er in 2006 op zo’n oorlog te wachten?


Premier Libanon vreest voor zijn leven en treedt af om invloed Iran en Hezbollah

Premier Saad Hariri van Libanon is onverwacht afgetreden uit protest tegen de toenemende invloed van Iran en de sji’itische Hezbollah-beweging in Libanon. Hariri, wiens vader in 2005 bij een bomaanslag werd gedood, zei verder te vrezen voor een aanslag op zijn leven.

In een televisietoespraak vanuit Saoedi-Arabië viel Hariri Iran en Hezbollah fel aan. Hij beschuldigde hen ervan dat zij chaos, verdeeldheid en verwoesting verspreiden in de Arabische wereld en voorspelde dat het geweld zich uiteindelijk tegen Iran zal keren. ‘De armen van Iran in de regio zullen worden afgehakt.’ Hariri, een soenniet, is een nauwe bondgenoot van Saoedi-Arabië, dat zich verzet tegen de toenemende invloed van Iran in Syrië, Irak en Jemen.

STOP WAPENHANDEL

campagne tegenwapenhandel

DOE MEE MET PROTEST VAN STOP WAPENHANDEL,

DONDERDAG 19 JANUARI VAN

12 TOT 13 UUR DEN HAAG, BEATRIXPLEIN

 

Israël-Palestina

Slag om bedoeïenendorp op Westoever

Israël staat op het punt het bedoeïenendorp Khan al-Ah-mar te slopen. Ook brede internationale druk lijkt dit niet tegen te kunnen houden. Volgens de Palestijnen ontneemt de verwoesting hun het zicht op Jeruzalem.

Naar  THEO KOELE; de Volkskrant 01-10-2018

Het Israëlische leger staat klaar voor de sloop van een bedoeïenendorp op de bezette Westelijke Jordaanoever. Maandag verstrijkt het ultima­tum aan de inwoners om hun tenten en hutten te verlaten. Niets wijst erop dat Israël luistert naar de talrijke internationale oproepen om het oord nabij Jeruzalem te sparen.

Het nietige Khan al-Ahmar, met nog geen tweehonderd inwoners, is strategisch gelegen aan een snelweg van Jeruzalem naar de Dode Zee. Naar verwachting wordt op het grondgebied een Joodse nederzetting uitgebreid, waardoor de Westoever en het Arabische deel van Jeruzalem van elkaar gescheiden worden.
Volgens Hanan Ashrawi, woordvoerder van de Palestijnse politieke elite, is verwoesting van het dorp een poging van Israël om de Palestijnen letterlijk en figuurlijk het zicht te ontnemen op Jeruzalem – de stad waarvan ze het oostelijk deel opeisen als hoofdstad van een toekomstige eigen staat.

Premier Netanyahu zei vorige week bij de VN dat alle bevolkingsgroepen in zijn land, inclusief bedoeïenen, gelijke rechten hebben. De inwoners van Khan al-Ahmar voelen zich evenwel tweederangsburgers. Israël heeft hun een vervangende locatie aangeboden, waar geen ruimte is voor hun veestapel en ze uitzicht hebben op een vuilnisbelt.

Lees het volledige artikel


Israëlische militairen doden 55 Palestijnen aan grens Gaza

Bij de grootste Palestijnse demonstraties sinds het begin van de ‘Mars van Terugkeer’ richtte het Israëlische leger maandag in Gaza een slachting aan. Scherpschutters doodden 55 betogers. Meer dan 2770 Palestijnen raakten gewond.

14 mei gaat de geschiedenis in als een inktzwarte datum waarop Israël een huiveringwekkend bloedbad aanrichtte in Gaza.Mondoweiss

Zoals alom gevreesd liepen de demonstraties van maandag uit op een ongekend bloedbad. De dag waarop Israël zeventig jaar bestond en de Amerikaanse ambassade in Jeruzalem werd geopend, was vooraf aangeduid als de culminatie van de demonstraties die de Palestijnen sinds 30 maart in Gaza organiseren onder de noemer ‘Grote Mars van Terugkeer’. Dinsdag wordt met evenveel vrees tegemoet gezien.

https://rightsforum.org/nieuws/israelische-militairen-doden-55-palestijnen-aan-grens-gaza

 


Journalist doodgeschoten door Israëlische scherpschutters (7 april 2018)

Het Israëlische leger schiet met scherp op Palestijnse journalisten die duidelijk als zodanig herkenbaar zijn. Zes journalisten werden neergeschoten tijdens het doen van hun werk. Allen droegen ze veiligheidsvesten waar met koeienletters ‘PRESS’ op stond. Yasser Murtaja, een fotojournalist van 31, overleed aan zijn verwondingen nadat hij door een kogel in zijn buik werd getroffen. Het Israëlische leger houdt vol dat de beschietingen zorgvuldig en doelmatig zijn, maar kon niet direct uitleggen hoe het kon dat zes journalisten zijn neergeschoten.

Sinds het begin van de protesten bij het grenshek in de Gaza-strook zijn er al 31 Palestijnse slachtoffers gevallen, onder wie kinderen. Duizenden anderen raakte gewond. Aan Israëlische zijde is voor zover bekend niemand gewond geraakt. Hoewel Israël spreekt van gecoördineerde rellen georganiseerd door Hamas, zijn de protesten grotendeels vreedzaam van aard. Enkele jongens vooraan gooiden met stenen en molotov cocktails, of probeerden het hek te beschadigen, maar het leeuwendeel van de demonstranten bestaat uit mannen, vrouwen en kinderen die met hun aanwezigheid aandacht proberen te vragen voor de situatie in Gaza.

bronnen: https://joop.bnnvara.nl/nieuws/journalist-doodgeschoten-israelische-scherpschutters   en: https://rightsforum.org/


Trump erkent vandaag Jeruzalem als hoofdstad van Israël. Welke risico’s kleven daaraan?

Naar verwachting zal Donald Trump vandaag bekendmaken dat de Amerikaanse ambassade in Israël verplaatst zal worden van Tel Aviv naar Jeruzalem. Waarom is dit zo’n omstreden besluit? Drie redenen.

Door: Theo Koelé 6 december 2017

  1. Jeruzalem vormt het hart van het conflict tussen Israël en de Palestijnen

Afgelopen zomer nog braken er rellen uit toen Israël extra veiligheidsmaatregelen nam rondom de Al Aqsa-moskee, een islamitisch heiligdom op de Tempelberg – door Arabieren Haram al-Sharif genoemd. Pas toen Israël de omstreden detectiepoortjes en camera’s verwijderde, keerde de rust terug. Begin deze eeuw luidde een bezoek van de Israëlische politicus Ariel Sharon aan de Tempelberg de bloedige Tweede Intifada (Palestijnse volksopstand) in. Religie en nationalisme zijn een brisante combinatie. De Palestijnen zien het oostelijk deel van Jeruzalem, waar de Al Aqsa-moskee en de Rotskoepel staan, als toekomstige hoofdstad van een eigen staat. Maar Israël beschouwt heel Jeruzalem als ‘eeuwige, ongedeelde hoofdstad’ van de Joodse staat

  1. Traditionele rol van VS als bemiddelaar staat op het spel

Met de erkenning van Jeruzalem als Israëlische hoofdstad door Trump staat de traditionele rol van de Verenigde Staten als bemiddelaar op het spel. In de ogen van de Palestijnen hebben de Amerikanen partij gekozen. Daardoor zijn ze hun geloofwaardigheid kwijt. Mogelijk is het zelfs het einde van het vredesproces, zei een woordvoerder van de Palestijnse president Mahmoud Abbas. Abbas had gehoopt dat Trump het vastgelopen vredesproces nieuw leven zou inblazen. Aan het begin van zijn ambtstermijn zei Trump een ‘ultiem akkoord’ tussen Israël en de Palestijnen voor mogelijk te houden. Maar zelfs de contouren van een Amerikaans plan zijn de afgelopen maanden niet duidelijk geworden. Een rol voor Europese landen als bemiddelaar wordt door Israël afgewezen.

  1. De betrekkingen met Arabische landen worden op scherp gezet

Trump heeft de bestrijding van ‘islamitisch terrorisme’ verheven tot prioriteit van zijn presidentschap. Daarvoor heeft hij de steun nodig van landen als Irak, Egypte en Saoedie-Arabië. Die landen hebben Trump de afgelopen dagen gewaarschuwd niet tot erkenning van Jeruzalem over te gaan, op straffe van oplopende spanningen in de regio. De regering-Trump probeerde juist de banden met Arabische landen aan te halen. Washington ziet met name Saoedie-Arabië als tegenwicht voor Iran, dat in de ogen van de Amerikaanse president (en de Israëlische regering) een kernmacht-in-wording en sponsor van terrorisme is. Hoewel Arabische landen voornamelijk een lippendienst hebben bewezen aan ‘de Palestijnse zaak’, verenigt Trump die landen nu achter het onderdrukte ‘broedervolk’.


Washington dreigt met sluiting PLO-kantoor

ANP/Tynke Landsmeer 

De Amerikaanse regering heeft gedreigd het kantoor van de Palestijnse organisatie PLO in Washington te zullen sluiten, omdat de Palestijnen het Internationale Strafhof (ICC) in Den Haag proberen te bewegen onderzoek te doen naar vermeende oorlogsmisdaden door Israël.

De Palestijnse tophandelaar Saeb Erekat zei dat hij daarover zaterdag een brief heeft ontvangen van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken. Volgens Erekat voert de Israëlische regering-Netanyahu flinke druk uit op de regering van Donald Trump.

De Palestijnse Autoriteit is ontzet over de aankondiging van de Amerikaanse regering dat het kantoor mogelijk dicht moet. De Palestijnen dreigen nu om in dat geval alle communicatie met Washington te beëindigen.

Gevaar voor vredesproces

Erekat noemt het Amerikaanse voornemen onacceptabel en een ondermijning van de toch al moeizame vredesonderhandelingen. Ook de Palestijnse president Abbas spreekt van ‘gevaarlijke gevolgen voor het vredesproces’.

De PLO moet elke zes maanden de vergunning vernieuwen om het bureau in de Amerikaanse hoofdstad open te houden. Komt er geen verlenging, dan is dat voor het eerst sinds de jaren 80. President Trump heeft 90 dagen de tijd om een definitieve beslissing te nemen.


Israël knevelt kritische kunstenaars.

De Israëlische overheid neemt maatregelen tegen kritische en Arabisch-lsraëlische kunstenaars. Dat leidt tot protesten.

Door onze medewerker Itai Mol, NRC 10/10-2017

JAFFA. De vrijheid van meningsuiting in Israël is serieus in het geding, om te beginnen voor Arabisch-lsraëlische kunstenaars die zich zoals hij identificeren als Palestijns.
Dat zegt de Israëlische acteur Mo-rad Hassan, na een kort optreden vorige week tijdens een manifestatie voor de vrijheid van meningsuiting in Jaffa, waarin hij op kluchtige wijze de Israëlische minister van Cultuur Miri Regev belachelijk maakte.


Hipsters, baarden, martelaren

Journaliste Anna Krijger gaat  op zoek naar kleine persoonlijke verhalen die samen een rijk en genuanceerd beeld geven van het hedendaagse Israël en de Palestijnse gebieden. Ze ontmoet een homoseksuele Palestijn in Tel Aviv, een atheïst in de Gazastrook, een koloniste met een wijnmakerij op de Westelijke Jordaanoever en tal van andere joden, moslims en christenen die allemaal hun eigen visie hebben op het conflict en de bezetting.

Anna Krijger wisselt de beschrijvingen van grote actuele gebeurtenissen, zoals de nasleep van de Gazaoorlog van 2014 en de golf van aanslagen in Jeruzalem en op de Westelijke Jordaanoever, af met persoonlijke anekdotes. Hoe is het om als journalist en vrouw in het Midden-Oosten te leven? Hoe ervaar je het meest omstreden conflict ter wereld als betrokken buitenstaander?

Luister ook op NPO Radio 1 Bureau Buitenland

Afrika

Zes Afrikaanse conflicten vergeten door media en politiek maandag 18 juni 2018

door Wil Higginbotham IPS

Conflict heeft miljoenen mensen in Afrika op de vlucht doen slaan. De Noorse Vluchtelingenraad (NRC) doet een oproep: “Deze mensen worden te vaak vergeten, zowel door de politiek als door de media”.
De boodschap van de NRC werd gelanceerd in het kader van de publicatie van hun jaarlijkse lijst van meest verwaarloosde crises die ertoe leiden dat getroffenen ontheemd geraken.
“Het is een triest patroon dat we opnieuw zien dat de crises op het Afrikaanse continent zelden de mediakoppen halen of op de agenda’s van het buitenlands beleid komen voor het te laat is”, zegt secretaris-generaal van de Noorse Vluchtelingenraad Jan Egeland.

Zes Afrikaanse crises

Uit de resultaten van dit jaar blijkt dat zes van de tien meest verwaarloosde conflicten zich situeren in Afrika. De Democratische Republiek Congo (DRC) – waar jarenlange burgeroorlog meer dan vijf miljoen mensen heeft verdreven – staat bovenaan de lijst.
De top vijf wordt vervolledigd door Zuid-Soedan, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Burundi en Ethiopië.   “Wij – het Westen – zijn goed in een oogje dichtknijpen als er weinig geopolitieke belangen voor ons inzitten”, zegt NRC-woordvoerder Tiril Skarstein.

Politiek gewin

“De landen op de lijst worden vaak als minder belangrijk beschouwd op strategisch vlak. Daarom is er geen internationaal belang bij het vinden van een oplossing”, zegt ze. Skarstein legt uit dat in sommige landen het tegenovergestelde waar is. Daar zijn veel actoren met tegenstrijdige politieke belangen die deelnemen aan het conflict. “Dat is bijvoorbeeld het geval voor Jemen en Palestina, waar politiek gewin voor het leven van burgers komt te staan.” Het gebrek aan politieke wil om tot een oplossing te komen is een van de drie criteria waarop een crisis wordt gemeten en uiteindelijk de lijst van de NRC haalt.

Media

Volgens de NRC is de toestand van Afrikaanse vluchtelingen ook consequent te veel afwezig om door te dringen tot het “bewustzijn van het westen”, aangezien de verhalen amper worden verteld in westers nieuws en media. Op zijn minst worden ze minder vaak gecoverd dan andere humanitaire conflicten in de wereld.
Skarstein vergelijkt hier Syrië met de DRC, waar het aantal mensen dat humanitaire hulp nodig heeft in beide conflicten ongeveer 13 miljoen is. “Veel mensen weten dat niet. Hoe dat komt? Omdat de twee landen enorm verschillende niveaus van internationale berichtgeving hebben gekend.
“Omdat veel Syrische vluchtelingen het Assad-regime via Europa zijn ontvlucht, zijn velen in het Westen gedwongen geconfronteerd met hun benarde situatie. “We zien deze mensen letterlijk over onze drempel komen. Ze getuigen in de media, ze zijn te zien op televisie, online en op sociale media. En wanneer mensen anderen te zien krijgen en hun situatie leren kennen, hebben ze de neiging om te geven en te handelen”, zegt Skarstein.

Toeristenstranden

Ondertussen leiden conflicten in de DRC en andere Afrikaanse landen ertoe dat mensen vaak vluchten naar de buurlanden. “Zij komen niet aan op toeristenstranden. Het oversteken van de ene Afrikaanse grens naar de andere leidt niet tot hetzelfde niveau van zichtbaarheid.”
Door het gebrek aan politieke wil en de povere aandacht in de media, hebben veel Afrikaanse crisislanden het ook moeilijk om toegang te krijgen tot humanitaire fondsen, stelt de NRC. “Voor crisissen die weinig internationale aandacht krijgen en zelden worden genoemd in de media, wordt vaak financiële steun afgewezen, en dus humanitaire hulp”, zegt Skarstein. De DRC is momenteel de op één na laagst gefinancierde grote crisi
s, met minder dan de helft van het nodige budget van 812 miljoen dollar. Sinds het geweld is geëscaleerd in verschillende delen van de DRC in 2015, werden bijna twee miljoen mensen gedwongen hun huizen te verlaten, alleen al in 2017.

Donormoeheid

Een ander probleem is donormoeheid, een fenomeen waarbij de lange duur van een conflict, een zekere gelatenheid bij donoren in de hand werkt en zo de nodige financiering steeds meer bemoeilijkt. “Er zijn jarenlange conflicten, sommige duren zelfs al tientallen jaren. Dit geeft mensen de indruk dat het een hopeloos geval is. Dat moeten we bestrijden”, zegt ze.
Wat kan gedaan worden om de meest verwaarloosde landen toch te helpen? Volgens de NRC is het belangrijk dat donorlanden hun steun bepalen op basis van de behoeften van mensen in plaats van om politieke redenen. Verder benadrukt de mensenrechtenorganisatie ook de rol van de media. “De lijst van verwaarloosde crises moet daarbij als een herinnering dienen.” “Het is niet omdat je mensen niet ziet lijden, dat hun lijden niet minder echt is. Het ontslaat ons niet van onze verantwoordelijkheid om te handelen”, concludeert Skarstein.

De andere landen die dit jaar op de lijst met World’s Most Neglected Displacement Crises staan zijn de Palestijnse gebieden, Myanmar, Jemen, Venezuela en Nigeria.

artikel van de site: dewereldmorgen.be

Wit Rusland

Jongeren en ouderen in Wit-Rusland willen hetzelfde: géén oorlog
De Russische tanks komen, blijven ze ook?

Het zijn maar oefeningen, maar de tanks en straaljagers zijn echt.Ze stuiven over Wit-Russisch grondgebied. Ouderen denken aan 1945 en de Sovjet-tijd. Jongeren aan Oekraïne. Allen willen vooral één ding: geen oorlog.

Door: Tom Vennink 18 september 2017, 22:16
De ontploffingen van Russische granaten klinken steeds dichterbij in Vejsjnoria, een gebied in het noorden van Wit-Rusland dat overgenomen is door separatisten. Rebellen met machinegeweren, gekregen van het Westen, turen nerveus over de aardappelvelden. De Russische tanks en straaljagers kunnen ieder moment opdoemen – Moskou is Wit-Rusland te hulp geschoten om de pro-westerse separatisten te verslaan.

De inwoners van Vejsjnoria weten wel: het is maar een script van militaire oefeningen door het Wit-Russische en het Russische leger. Maar de honderden Russische tanks en tientallen straaljagers zijn echt, en ze stuiven deze week over Wit-Russisch grondgebied. Wat vinden de Wit-Russen daarvan?
Russen in Wit-Rusland

Jekaterina

Loepatsj, 21 jaar, heeft haar paspoort al moeten tonen aan gewapende mannen met helmen toen ze door Glybokaje liep – het stadje van haar ouders. Ze mag een week lang de straat niet op tussen tien uur ’s avonds en zes uur ’s morgens: er geldt een avondklok. Wil ze de stad in of uit, zoals vandaag, nu ze haar oma gaat helpen met aardappelen rooien, dan moet ze door checkpoints met wegversperringen, prikkeldraad en ja, ook daar staan mannen met machinegeweren in de aanslag.

Oekraïne

Europa

Azië

Jemen

Vergeet niet de échte tirannie van Saoedi-Arabië: de hongersnood in Jemen

Terecht is de moord op journalist Khashoggi wereldnieuws. Minder aandacht is er voor de aanstaande ‘ergste hongersnood in 100 jaar’ in Jemen, terwijl de feiten minstens even gruwelijk zijn, betoogt historicus Ingrid de Zwarte. Het staken van wapenleveranties aan Saoedi-Arabië is niet genoeg om deze crisis te lijf te gaan.

Hongersnood te voorkomen

De hongersnood in Jemen is namelijk puur politiek. Alle hongersnoden de afgelopen eeuw zijn ofwel bewust veroorzaakt of niet tijdig voorkomen door falende regeringen of oorlogsvoering. Met de globalisering van de voedselvoorziening is voedselhulp in theorie altijd mogelijk en hongersnood dus te voorkomen. In Jemen spelen luchtbombardementen een grote rol in de hongersnood. Zo toont een recent rapport dat de Saoedisch-geleide coalitiebombardementen bewust de voedselproductie en -distributie op het Jemenitische platteland en visserijen langs de Rode Zeekust aanvallen.

De hoofdoorzaak van de hongersnood is echter de lucht-, land- en zeeblokkade van Jemen, die is ingesteld door de Saoedisch-geleide Arabische coalitie, gesteund door de Amerikanen en Britten. De coalitie laat slechts beperkt humanitaire hulpgoederen toe, terwijl commerciële zendingen vrijwel geheel worden tegengehouden. Omdat Jemen vóór de burgeroorlog en blokkade voor zo’n 90 procent afhankelijk was van voedselimporten, zijn de gevolgen van deze economische blokkade catastrofaal.

Als de VN waarschuwen voor de ‘ergste humanitaire crisis sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog’, dan is het goed om even terug te gaan naar de oorzaken van eerdere hongersnoden. Ook tijdens WO II waren humanitaire overwegingen en militaire strategieën voortdurend met elkaar in conflict. De Britten hadden een rotsvast geloof in de economische blokkade van bezet Europa: een strategie die moest voorkomen dat voedsel in Duitse handen zou vallen. Maar dit betekende ook dat voedselhulp nooit een geallieerde eindoverwinning in gevaar mocht brengen. De hongersnoden in Griekenland, Bengalen, maar ook in Nederland tijdens de Hongerwinter waren het onbedoelde gevolg van deze economische oorlogsvoering. De geschiedenis laat zien dat voedselblokkades een beproefde oorlogsstrategie zijn en de situatie in Jemen dus geenszins uniek is, ook niet voor het Westen.

Ingrid de Zwarte
Uit de Volkskrant van 23 oktober 2018

Lees het hele artikel.


‘Deze oorlog is niet nodig. Alles is verwoest.’

Ana van Es; de Volkskrant 18-07-2018

Sinds de Houthi-rebellen de hoofdstad van Jemen drie jaar geleden innamen wordt Sanaa belegerd. Ana van Es rijdt er door de frontlijn heen. Tussen alle verval blijkt er nog een ministerie van Toerisme te zijn. En overal worden Amerika en Israël doodgewenst.

In het Oorlogsmuseum van Sanaa is Jemen altijd de winnaar. ‘Jemen is de begraafplaats van alle aanvallers’, zegt onderluitenant Nabil Saleh al Azab. Routineus leidt hij bezoekers door dit gebouw vol vaderlands- liefde, over de talloze oorlogen die Jemen heeft uitgevochten sinds de Steentijd. Kanonnen getrokken door kamelen. Eretekenen van de ko- ningen van Mokka uit de tijd voor de islam. Maar ook een spandoek met wapenfeiten uit de oorlog van nu: 4.850 landgenoten gedood.

Dit aantal, dat trouwens te betwisten valt, is van drie jaar geleden. Voor het Oorlogsmuseum valt de laatste stand – er zijn veel meer doden – onmogelijk bij te houden. Het maakt de bezoekers niet uit. Al voor negen uur ’s ochtends stromen ze in rijen naar binnen.

Een familie uit het belegerde Hodeida volgt de rondleiding belangstel- lend. Nog maar twee weken geleden vluchtten ze uit angst voor lucht- aanvallen. Nu zijn ze hier in het Oorlogsmuseum een dagje uit. Maar als je de oude Al Azab vraagt wat hij vindt van deze oorlog die vooral Jemenieten zelf bij duizenden naar hun graf draagt, ontglipt hem in zijn toonzaal vol propaganda een woord van kritiek. Misschien ook van verdriet. Lees het hele artikel.


Houthi’s vuren raket af op Saoedische hoofdstad

Jemenitische Houthi-rebellen hebben dinsdag een ballistische raket afgevuurd op de Saoedische hoofdstad Riyad. Volgens hen was het Yamama-paleis, het hoofdkwartier van de Saoedische regering, het doelwit. Volgens de Saoedi’s was de aanval gericht op een woonwijk. Het projectiel werd tijdig onderschept door de luchtverdediging van het koninkrijk.

Als de bewering van de Houthi’s klopt, betekent dit dat zij geprobeerd hebben het regime van aartsvijand Saoedi-Arabië in het hart te treffen. Volgens een verklaring van de rebellen vormt de raketaanval ‘een nieuw hoofdstuk’ in de confrontatie met de door de Saoedi’s geleide internationale coalitie die de Jemenitische regering steunt tegen de Houthi’s.

De escalatie verscherpt ook de spanningen tussen Saoedi-Arabië en Iran, waarvan de rivaliteit het geopolitieke decor vormt van de oorlog in Jemen. De Saoedische regering gaf Teheran mede de schuld van de aanval. ‘Coalitietroepen hebben een Iraanse Houthi-raket onderschept ten zuiden van Riyad’, deelde de staatsvoorlichtingsdienst mee. ‘Er zijn voor zover bekend geen slachtoffers.’ Ooggetuigen maakten melding van een ontploffing en kleine rookwolken.

Uit de Volkskrant van  20/12-2017


Nikki Haley, de  VS ambassadeur, presenteert neergehaalde raket.

De vorige keer was in 2003. De toenmalige Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, Colin Powell, liet de Veiligheidsraad een buisje met wit poeder zien en computertekeningen van de geheime productie ervan. Dat moest het bewijs zijn dat Irak over weapons of mass destruction beschikte. De bondgenoten slikten het fabeltje en trokken samen met de Verenigde Staten ten strijde. Maar de wapens waar het om ging zijn nooit gevonden.

Wijselijk hebben de Amerikanen veertien jaar lang geen

beroep gedaan op de goedgelovigheid van hun bondgenoten. Tot vorige week.

In 2015 hadden sjiitische rebellen de regering in Jemen afgezet. In die machtsovername zag het soennitische buurland Saoedi-Arabië een reden burgerdoelen in Jemen te bestoken met raketten en bommen, aangeschaft in de VS. Soms beantwoorden de rebellen de aanvallen met een raket.

Deze is in de buurt van de Saoedische hoofdstad Riyad neergekomen en later naar de VS verscheept. Hij is van Iraanse origine, volgens de Amerikanen. Trump wil het sjiitische Iran sancties opleggen. De bondgenoten moeten meedoen.

De Saoediërs beweren dat de raket uit de lucht is gehaald door een van hun antiraketraketten, een Patriot.

Dit raketdeel is in elk geval niet getroffen door een Patriot. Dan had het er heel anders uitgezien. De deuken hield het over aan de val op de aarde.

Trappen we weer in een leugen? Veel energie is gestoken in de aankleding. De presentatie is in handen van Nikki Haley, de Amerikaanse ambassadeur bij de Verenigde Naties. Ze heeft niet de reputatie altijd naar Trumps pijpen te dansen.

Gedeeltelijk overgenomen uit een artikel van Hans Aarsman uit de Volkskrant van 21/12-2017

Foto: E.J. Hersom / EPA /US Army